Veelgestelde vragen

0 / 1000 mails

Veelgestelde vragen

Wat is divestment?

 

Divestment betekent: stoppen met investeren, desinvesteren, niet langer financieren. De Klimaatcoalitie wil vier Belgische grootbanken overtuigen om te stoppen met het financieren van fossiele brandstoffen: steenkool, aardolie en gas.

Desinvesteren uit fossiele energie betekent voor de banken concreet dat zij het geld terugtrekken dat nu naar fossiele brandstoffen gaat. Ze geven niet langer leningen en andere vormen van financiering aan bedrijven die betrokken zijn bij de ontginning en verwerking van fossiele brandstoffen. Hun beleggingsfondsen en andere investeerders stoppen met beleggingen in aandelen en obligaties in dit soort bedrijven.

Dit is in lijn met de belofte in het Akkoord van Parijs om alle geldstromen af te stemmen op de koolstofarme ontwikkeling die nodig is om de klimaatopwarming tegen te gaan. Want de uitstoot van broeikasgassen door fossiele brandstoffen is de grootste oorzaak van de klimaatopwarming.

Divestment kan wel degelijk zaken veranderen. In het verleden heeft een succesvolle divestmentcampagne al bijgedragen aan de val van het apartheidsregime in Zuid-Afrika. Er zijn ook al vergelijkbare campagnes gevoerd tegen de tabak- en wapenindustrie. Het bekendste voorbeeld is de campagne Don’t Bank on the Bomb, die banken oproept om niet langer te investeren in nucleaire wapens.

Waarom desinvesteren?

  1. Het ethische argument

De verbranding van fossiele brandstoffen is de belangrijkste oorzaak van de klimaatverandering. Daarover laat de klimaatwetenschap geen twijfel meer bestaan. De impact van de klimaatverandering is vandaag al goed zichtbaar, vooral in de meest kwetsbare en arme landen. Banken kunnen dus een voortrekkersrol spelen om deze ontwikkeling tegen te gaan. Zij kunnen het goede voorbeeld geven en niet langer financiering verlenen aan de ontginning van fossiele brandstoffen. Dan halen zij en hun klanten geen winst meer uit een sector die nefast is voor de opwarming van het klimaat.

  1. Het politieke argument

De fossiele sector is zich al 30 jaar bewust van de gevolgen van hun activiteiten. Shell was al in de jaren 1980 op de hoogte van de gevaren van klimaatverandering. In 1991 maakte het bedrijf zelf een klimaatfilm, om aandacht te vestigen op het probleem ‘dat geen enkel land ongemoeid zal laten’. Kort daarna veranderde Shell echter het geweer van schouder en lobbyde het actief tegen klimaatmaatregelen.

Maar fossiele bedrijven beschikken over één van de machtigste lobby’s ter wereld om hun belangen te verdedigen en doortastend klimaatbeleid te blokkeren. Wanneer vooraanstaande instellingen zoals de banken openlijk hun geloof in de fossiele sector opzeggen, dan creëert dat schade aan het imago van deze bedrijven en aan de rol van de fossiele industrie in het publieke debat.

België heeft een groot potentieel om de klimaatverandering daadkrachtig aan te pakken via desinvestering: de vier grootbanken beleggen immers grote bedragen van privaat en publiek geld in fossiele bedrijven. Als epicentrum van de Europese Unie kan Brussel bovendien een voorbeeldrol spelen en aanzetten tot meer desinvesteringen.

  1. Het economische argument

85 procent van de gekende fossiele brandstofvoorraden zal in de grond moeten blijven indien we de opwarming van de aarde willen beperken tot 1,5 graden. De miljardeninvesteringen van bedrijven als Shell en BP in het zoeken naar meer reserves  zullen onvoldoende kunnen opbrengen omdat ze overbodig zijn.

De huidige waarde van die fossiele bedrijven en hun aandelen wordt dus overschat aangezien ze hun potentiële voorraden olie en gas nooit ten volle kunnen benutten. Er bestaat een groot risico dat de aandelen van die bedrijven crashen, met alle gevolgen voor banken die hierin geïnvesteerd hebben.

Dat geeft banken en andere investeerders ook een economisch motief om uit te kijken naar duurzame investeringen, zoals pensioenfondsen die de pensioenen van werknemers veilig willen stellen. Duurzame investeringen zullen bijdragen aan de strijd tegen de klimaatopwarming en een betere kans maken om op lange termijn rendabel te zijn.

  1. Het wetenschappelijke argument

Investeren in fossiele brandstoffen gaat niet samen met het voornemen om de klimaatopwarming ver onder de 2 of zelfs 1,5 graden te houden. Recente studies tonen aan dat de bouw van nieuwe steenkoolcentrales het zo goed als onmogelijk zal maken om de opwarming te beperken tot 2 graden, onder meer van Oil Change International, Ecofys en Climate Action Tracker.

ExxonMobil, Shell en BP hebben miljarden euro’s: welk verschil maakt divestment?

Divestment is niet enkel een economische tactiek, maar ook een morele en politieke tactiek. Door te desinvesteren maken we duidelijk dat we kiezen voor een groene en duurzame toekomst. Hoe meer mensen, bedrijven en banken desinvesteren, hoe groter het politieke draagvlak voor ambitieuze klimaatactie wordt.

Desinvestering is niet enkel een kwestie van een gezond klimaat, maar ook van duurzame werkgelegenheid en sociale rechten. Net zoals in de Amerikaanse Civil Rights Movement en de strijd voor het einde van de Apartheid in Zuid-Afrika zal een meer morele benadering van het probleem zorgen voor meer engagement van de maatschappij voor een duurzame toekomst.

Waarom focussen op desinvesteren en niet op investeren?

Dit zijn twee zijden van dezelfde medaille: geld dat je ergens in investeert, kan je niet in iets anders investeren. Je moet het dus eerst weghalen uit een niet-duurzame sector, voordat je het in een toekomstgerichte, duurzame sector kan investeren.

Investeringen in hernieuwbare energie zijn natuurlijk cruciaal, maar ook de afbouw van investeringen in fossiele brandstoffen is noodzakelijk om de klimaatopwarming onder 1,5 graden te houden. Daarvoor moet 85 procent van de bestaande reserves onder de grond blijven, dus we kunnen niet blijven investeren in bedrijven die deze reserves blijven aanboren.

Bovendien is investeren in duurzame energie (nog) niet vanzelfsprekend. De sector van de hernieuwbare energie is momenteel nog veel kleiner dan de sector van de fossiele brandstoffen. Investeringen in hernieuwbare energie zijn daardoor ook kleiner en risicovoller.

Desinvesteringen uit fossiele brandstoffen zullen onvermijdelijk leiden tot investeringen in andere sectoren. Om investeringen in groene energie te versterken is in de eerste plaats een tussenkomst van de overheid nodig om het juiste investeringsklimaat te creëren. De overheid zou iets kunnen doen aan de vliegvelden die de plaatsing van windmolens beperken en de subsidiëring van fossiele brandstoffen stoppen. Volgens cijfers van de OECD gaf België 2,25 miljard euro subsidie aan fossiele brandstoffen in 2014. Slechts 10 procent van de publieke middelen voor onderzoek en ontwikkeling in de energiesector ging naar hernieuwbare energie.

Veel meer dan een gebrek aan investeringen van institutionele investeerders is dit wat hernieuwbare energie tegenhoudt. Voor banken is het veel moeilijker om hier vat op te krijgen.

Internationale organisaties als het IMF, het IEA en de OESO roepen regeringen op om publieke middelen de heroriënteren van fossiele naar hernieuwbare energie. De beweging voor desinvestering uit de fossiele sector kan die oproep ondersteunen. Door duidelijk te maken dat we niet met fossiele brandstoffen verder willen, sturen we een krachtig politiek signaal naar de overheid voor het ontwikkelen van alternatieven.

Hoe staat het met investeringen in duurzame energie?

De grootste reden voor het gebrek aan investeringen in hernieuwbare energie is politiek, zoals ook de Waalse en Vlaamse federatie voor duurzame energie schreven in een gezamenlijke tekst. Het is essentieel dat de belangrijkste spelers voor de energietransitie (de overgang naar duurzame energie) meer duidelijkheid over hun vooruitzichten en meer investeringszekerheid krijgen. De Belgische overheden moeten duidelijke en ambitieuze energiedoelstellingen voor 2030 stellen.

De omslag naar een duurzaam energiesysteem zal enorme investeringen vragen. Volgens een rapport van het International Renewable Energy Agency (IRENA) is er tot 2050 ruim 27.000 miljard euro aan bijkomende investeringen nodig. Een enorm bedrag, maar tegelijkertijd ook haalbaar: het gaat immers over slechts 0,4 procent van het wereldwijde BBP (bruto binnenlands product).

Volgens het onderzoek van Fairfin Onze toekomst ondermijnd uit 2015 investeren de vier Belgische grootbanken aanzienlijk meer in fossiele brandstoffen dan in hernieuwbare energie. BNP en ING investeren negen keer meer in fossiele brandstoffen dan in hernieuwbare energie via leningen en uitgifte van obligaties. Voor KBC gaat het om het dubbele. Alleen Belfius investeert meer in hernieuwbare energie dan in de fossiele brandstofsector, maar ook bij deze bank zijn fossiele brandstoffen nog steeds goed voor 20 procent van de leningen en uitgifte van obligaties aan de energiesector.

Zal desinvestering uit fossiele energie geen jobs kosten?

Neen, integendeel. Niets doen zou eerder een bedreiging vormen voor de werkgelegenheid. Zoals het Internationaal Vakverbond (ITUC, International Trade Union Confederation) het zegt: “There are no jobs on a dead planet”.

De sector van de fossiele energie stelt veel mensen tewerk. Divestment zal hier dus onvermijdelijk een impact op hebben. Er zullen jobs verloren gaan, maar in ruil zullen er jobs bijkomen in de hernieuwbare energie.

Want energie zal er steeds nodig zijn. Sterker nog: in vergelijking met de fossiele brandstofindustrie creëert hernieuwbare energie gemiddeld meer jobs, volgens de Amerikaanse Union of Concerned Scientists zelfs drie keer zo veel. In de VS werken intussen 3 miljoen mensen in de sector van hernieuwbare energie , in de steenkoolsector zijn dat er nog maar 53.000. Het is duidelijk waar de jobs zitten.

Blijven investeren of zoals president Trump zelfs nieuw leven proberen te blazen in de fossiele sector is dus geen verstandige strategie voor de toekomst. Fossiele brandstoffen produceren vooral energie met machines en kapitaal, hernieuwbare energie eerder met handenarbeid. Dit zijn jobs die niet naar het buitenland kunnen verhuizen. In plaats van grote pompen en boorplatformen in het verre buitenland investeren we beter in de installatie van duizenden zonnepanelen en warmtepompen en het bouwen van windmolenparken dicht bij huis.

Ook in België kan de omslag naar hernieuwbare energie tienduizenden extra jobs creëren. Denk aan investeringen in de energierenovatie van gebouwen, intelligente elektriciteitsnetten, opwekking en opslag van hernieuwbare energie en milieuvriendelijke transportmogelijkheden, zoals openbaar vervoer of fietspaden. Een studie die werd besteld door de federale milieuadministratie toont aan dat een beleid dat mikt op een grote vermindering van de CO2-uitstoot 80.000 jobs kan creëren tegen 2030.

In een periode dat er in ons land massale herstructureringen gebeuren, zou het vanzelfsprekend moeten zijn om te investeren in de sectoren van de toekomst die jobs creëren. De energie(r)evolutie biedt veel kansen voor een ecologische en sociale transitie, dat wil zeggen: een radicale omslag naar een andere omgang met het milieu en een andere inrichting van de maatschappij.

De overheid moet erover waken dat deze transitie zo rechtvaardig mogelijk verloopt. Er is nood aan sociale dialoog en de ontwikkeling van begeleidingsplannen in de sectoren en bedrijven die getroffen worden door de desinvestering. Sommige werknemers zullen nieuwe vaardigheden en kennis moeten leren en hiervoor zijn concrete maatregelen nodig. Ook een systeem van sociale bescherming is onmisbaar voor elke werknemer die zijn job dreigt te verliezen door desinvestering en een nieuwe baan moet vinden.

Brengt fossielvrij investeren minder op?

Verschillende analyses hebben al bewezen dat dit niet zo hoeft te zijn.
Zo voerde Blackrock, de grootste vermogensbeheerder ter wereld, een studie uit naar de impact van fossielvrij investeren. Ze onderzochten een fonds zonder aandelen van bedrijven die meer dan 30 procent van hun omzet uit steenkool haalden of die steenkool-, olie- of gasreserves in hun boekhouding hadden genoteerd, tenzij die bedrijven minstens 25 procent van hun omzet uit hernieuwbare energie haalden. Er was geen verschil in opbrengst tussen dit fonds en een ‘normaal fonds’.  

Een andere belangrijke analyse is die van Morgan Stanley Capital International. Ook zij noteerden geen verschil in opbrengst met of zonder fossiele brandstoffen. Op de grafiek hieronder zie je dat er in 6 jaar tijd nauwelijks verschil is tussen de resultaten van hun fonds met fossiele brandstoffen (de rode lijn) en zonder fossiele brandstoffen (de blauwe lijn).

Welke organisaties desinvesteren al?

Wereldwijd hebben al meer dan 700 universiteiten, stadsbesturen, geloofsgroepen, ngo’s en pensioenfondsen beslist om hun investeringen in fossiele brandstoffen te herzien. Daar zitten onder meer befaamde universiteiten tussen, zoals Stanford, Oxford, Yale en LSE, maar ook de Guardian Media Group, het Noors pensioenfonds (het grootste ter wereld) en de Rockefeller Brothers Fund.

Ook het klimaatpanel van de VN, het UNFCCC, heeft net zoals secretaris-generaal Ban Ki-Moon zijn steun voor divestment uitgesproken.

In België hebben de KUL en de ULg zich geëngageerd om te desinvesteren: beide universiteiten zullen de aandelen van fossiele bedrijven die nu nog in hun portefeuille zitten van de hand doen. Ook de UGent kondigde aan met divestment bezig te zijn en de VUB liet in de aanloop naar de klimaattop in Parijs weten te onderzoeken of fossielvrij investeren mogelijk is.

Lees er meer over op de website van de internationale beweging Fossil Free.

Bestaan er in België al fossielvrije banken of fondsen?

Die zijn er, maar het aanbod is erg onoverzichtelijk. Verschillende banken bieden verschillende soorten fondsen aan, maar aangezien dit aantal snel oploopt, is het moeilijk om voor elk fonds te bekijken in welke bedrijven het investeert. Uit een kleine steekproef bleek wel dat de meeste fossielvrije fondsen bij de verschillende banken een relatief hoog risicoprofiel hebben. Dit maakt het voor veel investeerders minder aantrekkelijk en daarom is een van onze vragen aan de Belgische grootbanken om een duidelijk, transparant en defensief investeringsfonds te creëren zonder fossiele brandstoffen.

Voor echt duurzame beleggingen bestaat er het label van Fairfin en Financité, dat verder kijkt dan enkel klimaat. Een overzicht van de investeringen die zij een duurzaamheidslabel gaven, vind je hier.   

Waarom organiseert de Klimaatcoalitie deze campagne?

Met deze campagne willen we een Belgische desinvesteringsbeweging uitbouwen die weegt op het maatschappelijk debat en die de vier grootbanken (en andere instellingen) concreet aanzet tot desinvestering uit fossiele brandstoffen.

Hoewel de globale investeringen in duurzame energie jaar na jaar blijven toenemen, zijn die in fossiele energie nog veel te hoog. Bovendien hinkt België internationaal achterop. In een recent rapport van Carbon Market Watch en Transport & Environment staat het Belgische klimaatbeleid maar op de dertiende plaats binnen Europa, met een score van 21 op 100.

De wetenschappelijke consensus is nochtans duidelijk: om de opwarming van de aarde te beperken tot 2 of zelfs 1,5 graden, moet 85 procent van de huidige gekende fossiele brandstofreserves in de grond blijven. Daardoor is investeren in fossiele brandstoffen niet alleen een risico voor de planeet, maar ook voor de investeerders, zoals de banken. Tegelijk vergt de omschakeling naar een koolstofarme economie grote investeringen die niet alleen goed zijn voor het klimaat en onze gezondheid, maar ook jobs zullen creëren.

Welke eisen stelt de Klimaatcoalitie aan de vier grootbanken?

Concreet vragen we aan de vier banken een publiek engagement te nemen om fossielvrij te worden en een stappenplan op te stellen om dit te realiseren binnen een termijn die volgens wetenschappelijke rapporten in lijn ligt met de vereisten van het klimaatakkoord van Parijs.

We vragen ook om de rechtvaardige transitie naar een klimaatvriendelijke economie en samenleving te steunen. Met dit publiek engagement kunnen de banken aantonen dat ze de strijd tegen de klimaatverandering ernstig nemen en dat ze een voortrekkersrol willen spelen.

We verwachten dat ze een plan opstellen:

  • voor de onmiddellijke stopzetting van elke vorm van financiering, andere diensten en financiële producten gelinkt aan prospectie en nog te bouwen infrastructuur voor de ontginning, verwerking en verkoop van alle fossiele brandstoffen (steenkool, olie en gas); en
  • voor de zo snel mogelijke stopzetting van elke vorm van financiering, andere diensten en financiële producten gelinkt aan bestaande activiteiten voor de ontginning, verwerking en verkoop van steenkool, olie en gas. Hierbij is het belangrijk om de meest vervuilende fossiele brandstoffen eerst te bannen: dus eerst steenkool, vervolgens olie en tot slot gas.

Hoe kan je je bank op de juiste route zetten?

 

  • Stuur een brief via het formulier en vraag jouw bank om je geld niet langer te investeren in fossiele brandstoffen.
  • Lees het onderzoek over de investeringen van de banken in fossiele brandstoffen en ontdek welke bedrijven de banken financieren op deze website.
  • Volg onze activiteiten en onderhandelingen met de banken nauw verder op via onze nieuwsbrief en social media.

 

 

Hoe scoren de vier grootbanken op andere vlakken (wapenhandel, mensenrechten, …)?

Aan de hand van de Bankwijzer kan je nagaan hoe goed jouw bank scoort op het vlak van acht maatschappelijke thema’s: klimaatverandering, mensenrechten, belastingontduiking, etc. Hierin vind je voornamelijk informatie over het beleid maar ook over de investeringspraktijk van de banken.

BankWijzer is een project van verschillende organisaties die werken aan een eerlijke en duurzame wereld. Met de hulp van burgers wil de BankWijzer banken aanzetten tot meer duurzame investeringskeuzes. Veel mensen zijn de laatste jaren kritischer naar hun bank gaan kijken en verwachten verandering bij de banken. Via de BankWijzer kan iedereen een geïnformeerde keuze over zijn/haar financiële middelen maken.

Link: http://bankwijzer.be/nl/bankwijzer/home/

© 2017 Klimaatcoalitie